preloader-image Hessen Agentur_Paavo Blåfield
Genieten

De groene voortuin van Frankfurt

Landelijke belevenissen voor de poorten van de stad

Frankfurt, dat is toch de stad van banken, wolkenkrabbers en glazen gevels? Misschien. Wat veel mensen niet weten is dat de stad omringd wordt door een groene gordel van akkers, boomgaarden en veel vrije natuur. Een paradijs voor fietsers, wandelaars, en liefhebbers 

Terzijde de Skyline

In het noorden van Frankfurt hoor je het zoemen. Maar dit heeft niet zozeer met verkeer te maken, als wel met een flink aantal drukke baasjes. We bedoelen de nijvere bijen, die haastig heen en weer zoemen te midden van duizenden bloemen die ze op die manier allemaal bestuiven. Ze hebben een hoop werk te doen, het is de bloeitijd voor de appels. Het internationale financiële centrum en een natuurlijke idylle liggen in de Frankfurtse Rhein-Main regio op nog geen tien kilometer van elkaar. Wie even om zich heen kijkt, ziet velden, kleine dorpjes en heel wat weideboomgaarden. Alleen in het zuiden torenen de glinsterende wolkenkrabbers van de metropool overal bovenuit. Er is haast geen plek in Duitsland waar het vanuit de verte zo duidelijk is dat hier een wereldstad ligt als rond Frankfurt. Tegelijk is er ook haast geen andere grote stad die het geluk heeft omgeven te zijn door zoveel groen. GrünGürtel wordt het groene lint genoemd dat rond de stad ligt en dat een derde van het stadsoppervlak beslaat. De Groene Gordel is op zijn beurt onderdeel van het regionale park Rhein-Main, waarin grote delen van de agglomeratie van Frankfurt zijn opgenomen en waarvan de randen overgaan in de Rheingau, het Hessische Ried, het dal van de Kinzig, de Taunus en de Wetterau. 

Deze groene corridors geven toegang tot de vrije natuur en uitstapjes naar het platteland. Een rondje om de hele stad in de Groene Gordel, te voet of op de fiets, is ongeveer 65 km lang, en op de verder reikende route door het hele regionale park is het zelfs 190 km in totaal. Het totale wegennet in het regionale park is opgeteld 550 km lang. Voor uitstapjes zijn er routes door het regionale park die leiden langs cultuurlandschappen, door bossen, langs industriële monumenten, door tuinen en parken, maar ook naar plekken van historisch belang, met veel tastbare geschiedenis. En zo wordt de zin voor ontdekkingen gewekt en krijg je vanzelf een gevoel voor de natuur en het milieu. Een goed voorbeeld zijn de groeven van Weilbach: In het verleden werd hier veel grind afgegraven, en de daardoor ontstane groeven werden later gebruikt als illegale vuilstortplaats. Op gegeven moment is toen het besluit genomen de gebieden te herontwikkelen, over te gaan tot herbebossen, een netwerk van wegen aan te leggen en een voorlichtingscentrum voor natuureducatie te openen. Tegenwoordig zijn de groeven een plek voor recreatie. In de boerderijtuin krijgen hobbytuiniers suggesties en tips om van alles in hun groene vingers te krijgen, en in restaurant “Zum wilden Esel” zijn het de regionale gerechten en dranken die de natuurliefhebber lokken. Veel bekender echter is de groeve in het Messeler heuvelland ten zuiden van Frankfurt: de Messelgroeve. In deze verlaten dagbouwmijn zijn spectaculaire vondsten gedaan van allerlei fossielen, waardoor het de eerste Duitse vindplek werd die (in 1995) tot UNESCO-werelderfgoed werd uitgeroepen. Kleine en grote “onderzoekers” krijgen daar spannende details voorgeschoteld over geologie, vulkanisme, landschappen en klimaat, bijvoorbeeld dat hier ooit krokodillen en allerlei andere exotische dieren hebben geleefd.

De land- en tuinbouwbedrijven in het regionaal park voorzien de lokale bevolking en gasten van streekproducten. In Nieder-Erlenbach, waar de vruchtbare gronden van de Wetterau domineren, heeft Andreas Schneider 8500 fruitbomen staan. Schneider heeft naam gemaakt met een hoogwaardige appelwijn, die in geen enkel opzicht onderdoet voor die van druiven. Maar natuurlijk serveert hij ook de typische Frankfurter “Ebbelwoi”, waar de bezoekers van zijn boomgaard direct van kunnen genieten onder de bomen waar hun “Stöffche” van afkomstig is. Kaas en worst zijn dan ook altijd voorradig. Die worden onder andere geleverd door de nabijgelegen Dottenfelderhof. Daar wordt al meer dan duizend jaar landbouw bedreven, voor wat betreft het houden van de dieren tegenwoordig volgens biologisch-dynamische criteria. Tijdens de zogenaamde “rijpheidstest” maken bezoekers samen met meesterkaasmaker Siegfried Baßner hun eigen natuurlijke kaas.

Hessen Agentur_Paavo Blåfield

Lange tijd was Gross-Gerau een centrum van kaasproductie, waar tot de Eerste Wereldoorlog 26 kaasfabrieken gevestigd waren. Een bedrijf dat nog steeds bestaat is de kaasmakerij Hermann Horst, waar nu door de vijfde generatie sinds 1862 met de hand kaas wordt gemaakt. Daarmee is dit waarschijnlijk het oudste bedrijf van Duitsland waar nog kaas wordt gemaakt van zure melk. De zogenaamde ‘handkäs’ dankt zijn naam aan de oorspronkelijke methode van kaasmaken: deze kaas is gevormd naar de hand en is ook ongeveer zo groot. Wat bij een echte handgemaakte kaas nooit mag ontbreken is de “muziek” bestaande uit uien, azijn-oliemarinade en karwijzaden, die aan de kaas worden toegevoegd.

Appelwijn, handkäs’ ... wat nog ontbreekt is de derde poot onder de culinaire streektraditie: de groene Frankfurter saus: De kruiden daarvoor worden onder andere geleverd door Rainer Scheckers kwekerij, gelegen in het zuiden van Frankfurt, ingebed in de Groene Gordel. Het moeten altijd zeven kruiden zijn, daar valt niet aan te ontkomen: bernagie en kervel, tuinkers en peterselie, pimpernel, zuring en bieslook. Of die nu meer of minder fijngehakt zijn, of de saus nu geserveerd wordt met rundvlees of met aardappelen en eieren, vindt Schecker niet zo belangrijk. Elke familie heeft er zo zijn eigen recept voor. Belangrijk zijn wat hem betreft maar twee dingen: voor de saus mag geen gewone mayonaise worden gebruikt en de kruiden moeten vers zijn. Groene gordel, Groene vingers, Groene saus, één ding is duidelijk: Frankfurt Rhein-Main houdt van groen.

Rondom de appel

Het Odenwald

roter riesling

De Bergstraße